zaterdag 15 januari 2011

Backstopping uit België


Oudejaar op het gemak in Hollands gezelschap gevierd: oliebollen gebakken! (is blijkbaar een Hollandse traditie op kerstavond, wist ik niet);
daarna nog een dikke week in Dar 'blijven plakken' en mijn GIS training 'verder' uitgewerkt op BTC Headquarters.
Ik kon opnieuw op Toms' appartement blijven mét antenne waarmee je zelfs 'de Slimste Mens' kon volgen in België, live Studio Brussel kan beluisteren etc! Ongelooflijk eigenlijk. Etentjes, zwempjes, avondjes uit, shoppen,.. :-).

Een van de redenen om langer in Dar te blijven: Professor Swennen van de KULeuven komt op backstopping mission voor het bananenproject en komt naar Mwanza waar we met de projectauto vertrekken (Mwanza is een stuk dichter dan Bukoba dus ik moet die lange busrit niet terug).

***

Prof. Swennen (waarvan ik x aantal jaar terug nog les van gehad heb) is gespecialiseerd in tropische landbouw, in de bananenteelt (meer specifiek: onderzoek naar nieuwe bananevarieteiten & best practices). Bedoeling is de projectlocaties te bezoeken en technische ondersteuning te krijgen van de Prof, die elk jaar op monitoringbezoek komt in het kader van het project.

Een week door de Kagera getrokken met 2 (toch wel gekende) banane-experten Prof. Swennen en Dr. Mgenzi, was heel interessant, jawel!



Een van de technieken die bvb. wordt toegepast in de vermenigvuldiging van de geintroduceerde banane-varieteiten is de 'false decapitation' techniek (foto onder).



Heel kort & gesimplifieerd:

Een bananeplant krijgt normaal 1 bananebunch per jaar en wordt na oogst, in klassieke productie, dan omgehakt en dan laat men 1 à 2 scheuten die uit de moedercormus onder de grond verder groeien tot een nieuwe moederplant om het volgende jaar opnieuw een bunch te krijgen etc. Nu, in plaats van die moederplant een bunch te laten krijgen en om te hakken, dood men het 'moedermeristeem' ('groeikern' van de moederplant).
De moeder gaat dus afsterven (zonder bunch te krijgen) MAAR, en dit is het punt, door de energie die de moeder nog heeft, de blaren die nog fotosynthetiseren zelfs na het doden van het moedermeristeem, gaan veel meer jonge scheuten uit de moedercormus groeien. Scheuten die dan worden versneden en verplant.
En de bedoeling van het project is net om de nieuwe varieteiten zoveel mogelijk te vermenigvuldigen (dus die kleine scheuten worden op andere velden verplant.

(Ter info: in grote mutlinationals zoals Dole/Chiquita in Latijns Amerika, waar onze bananen uit de Delhaize van komen, wordt gewerkt met in vitro techniek voor vermenigvuldiging - is echter geen optie voor de gewoene boer hier.)

De vele scheuten die tevoorschijn komen uit de moedercormus,



De techniek van 'false decaptiation' is nog niet gekend/toegepast in de Kagera en is eigenlijk geintroduceerd door de Professor (et al.) zoveel jaar terug. In dit project is o.a. uitvoerig training gegeven in deze techniek.

Er kan er ook vanalles misgaan: Te grote insnijdingen waardoor moederplant omvalt (& extra benefit van 'false decapitation' wegvalt),


Het doden van het moedermeristeem als de plant nog te klein is (moeder nog te klein om veel reserves naar dochters te 'sturen'),


enzoverder enzovoort.

Dus het was inspecteren, ondervragen, problemen oplossen,.. ongelooflijk wat er eigenlijk over bananen allemaal vertelt kan worden.

En de reden om dit project hier uit te voeren wordt me ook alsmaar duidelijker:
Een heel groot percentage van de banenebomen die groeien in de Kagera geven geen, of geen optimale, bananebunch door de aanwezigheid van nematoden, kevers, schimmels, virussen, door tekort aan mineralen, door verkeerd management. De ernst hangt af van regio tot regio maar is veel groter dan je op het eerste zicht zou denken! (soms zijn volledige velden eraan)


De varieteiten die door het project worden vermenigvuldigd & verdeeld zijn in zekere mate resistent tegen droogte en ziektes, nematoden & kevers.
Target van het project: 2,7 millioen bananescheuten van 4 verbeterde varieteiten verdelen (op dit ogenblik hebben we zo'n 105 multiplicatievelden in de districten, nog uit te breiden).
Bedoeling is zeker niet om nu opeens de bestaande varieteiten te gaan 'vervangen' op de lange termijn, maar wel om een bepaalde hoeveelheid te introduceren die op korte termijn exponentieel in aantal kunnen toenemen en zo een bepaalde buffer kunnen geven voor boeren. Van deze varieteiten is de boer quasi zeker dat hij ze gaat kunnen oogsten (dus minder arbeidsintensief, land wordt beter gebruikt).

Enkele voorbeelden van zieke planten:

Panama disease (schimmelziekte),


Tekort aan mineralen (Mg in dit geval),



Black Sigatoka (andere schimmelziekte),



Hieronder botsten we op een nog te onderzoeken ziekte.. ja, zélfs de experten zijn niet alleswetende ;-)



Hieronder een fotootje van een welgroeiende plant: de moeder groeit zo hard dat haar oudste blaren omvallen terwijl ze nog groen zijn (goed teken dus),


Onder een f
oto van een plant die onder droogtestress zijn komen te staan: rozetvorming: bladeren staan dicht opeen (de ouderdom van de plant kan je trouwens aflezen van het aantal bladeren -formule specifiek aan regio),



Enkele fotootjes van de missie,





Eén van de multiplicatievelden wordt door een gevangenis gemanaged (zie foto onder).
Op mijn eerste bezoek hier ben ik de gevangenis zelf binnengegaan om de visitorsboek te tekenen. Toch even schrikken, de mannelijke gevangenen waren zich juist op de binnenkoer aan het wassen, en een blanke die passeert valt natuurlijk wel op.




t'Is niet allemaal positief natuurlijk. Veel hangt ook af van de organisatie van de districten, van de opvolging van de districtcoordinatoren,



Soms heeft men bvb. de 'false decapitation' techniek achterwege gelaten en de moederplant gewoon omgehakt, complete decapitation (foto onder). (reden zou kunnen zijn dat als je de moederplant 'vals dood', dan worden de bladeren natuurlijk geler en kunnen de buren denken dat de planten niet goed onderhouden worden.)



We hebben nog veel werk wat nutriëntenbeheer betreft.
De nieuwe varieteiten brengen grote bunches voort dus, bij vermarkting, gaan nog meer nutrienten uit het veld verloren. Ook bij de klassieke varieteiten wordt nu veel meer verhandeld waardoor opnieuw alle nutrienten uit het systeem verdwijnen zonder aanvoer. M.a.w. het systeem zoals het nu bestaat is gewoon niet houdbaar. Binnen de zoveel jaar gaat de grond gewoon te arm worden voor bananeteelt (& andere gewassen).

Een groot issue is dus: hoe dit nutrienten terug in de bodem krijgen, een duurzaam systeem creeëren?

Enkel mogelijkheden: gebruik van leguminosen als intercrop (= planten zoals bonen die stikstof kunnen fixeren in de grond en waardoor die stikstof kan worden opgenomen door de bananeplant),




Of: Planten van bomen in het veld (niet alleen goed voor ecologische principes zoals erosiebestrijding/biodiversiteit/host voor dieren etc.), maar die bomen hebben ook diepe wortels waardoor ze uitgeloogde nutrienten terug naar oppervlakkige bodemlagen kunnen brengen en zo dus ook terug beschikbaar worden voor de bananewortels,



En daarnaast is men aan het onderzoeken in hoeverre men fungi (myccorhizae) in de bodem kan inbrengen om zo opnieuw de nutrientenopname te verhogen (myccorhizae 'hangen' zich aan het wortelgestel waardoor het totale oppervlakte groter wordt, daarnaast maken ze ook fosfor beschikbaar etc.)

En dan natuurlijk de ideeën van het maken van bananepoeder (dan worden de bananen bij de boer zelf verwerkt en zo blijft tenminste de pel ter plaatse), of het gebruik van koffieresten, of het gebruik van mulch (minder uitloging), gewoon mest van dieren enz.

Nu enkel 'activiteiten' hieromtrent staan gepland!


Onder, een pintje na het werk? Ja hoor, ook hier :-)



Of een banaantje als tussendoortje,




Nog even langs bij het 'bananen-biogas' project van Duitse ingenieurs-zonder-grenzen dat nu zijn resultaten begint te boeken (nu lijkt me dit wel een gesofisticeerd systeem voor de gewone boer),



Self-made zonnepanelen: water die door buisjes uit zwarte plastiek loopt. Een klein 'industrieel' zonnepanneeltje ernaast om de pomp te laten werken,




En onder? Ook een bananenplant! (ensete varieteit, die voornamelijk in Ethiopie groeit en waarvan de wortel wordt opgegeten - in Tanzania enkel als sierplant gebruikt),





Prof. Swennen, Mr. Mgenzi, ikzelf en de bananeplanten,



Eens terug in Bukoba, bezoekt Prof. Swennen ook de 'germplasm' (verzameling van varieteiten) van ARI-Maruku. En onder wel een heel speciale: deze plant is niet omgevallen of zo, ze groeit altijd zo scheeft,



Ook nog even bezoek bij een 'innovatieve' boer in Bukoba. Een boer die prof. al lang kent en heel wat varieteiten in zijn tuin heeft staan, hij werkt al jaren in mee in verschillende projecten. (petjes = CCM politieke partij)




En dan afsluiten met een lekkere vis aan het meer met een glaasje wijn..




dinsdag 28 december 2010

Mafia Island

De kerstperiode naderd maar al m'n verlof is opgebruikt. Aan de andere kant, de district-officials met wie we samenwerken in het project zijn allemaal op verlof, en daarnaast zijn er geen speciale festiviteiten gepland in Bukoba voor de eindejaarsperiode.

Ik zag het echt niet goed zitten om in Bukoba te blijven koekeloeren met de feesten, zeker nu niet.

Plan: (goedgekeurd door gelukkig heel pragmatische bazen)
Afzakken naar Dar es Salaam om kerst en nieuw te vieren. Tussenin een weekje naar Mafia Island om te duiken en ondertussen mijn GIS training voorbereiden.


***


Me toch opnieuw in de bus naar Dar es Salaam (18u) geriskeerd (vliegen in Africa is echt wel duur) en op 1 dag in het bedje op Toms' appartement geraakt in Dar! Waw!

De meeste muzungu zijn terug naar Europa nu, maar Jeroen en Gauthier van de BTC niet. Kerstavond wordt in gemengd Europees-Tanzaniaans gezelschap gevierd huize Jeroen.
Op het menu: Kreeft en visragou met brood, salades, pastas etc. Een exotisch kerstmenu dit keer! Met een verjaardagstaart als dessert,




Op kerstdag neem ik dan de vlieger naar Mafia Island, met een plaatsje naast de piloot :-).


***


Mafia? Wel, tijdens het duiken in Zanzibar had ik gehoord dat Mafia Island, een eiland dat er net onder ligt, een paradijs was om te duiken, was voldoende om die vlieger te nemen!

Nood aan een serieuze afleiding nu..
En duiken, it is..



Een klein weekje gedoken, niet speciale 'grote vissen' of zo gezien, (alhoewel, een stingray lag aan de uitgang van de grot waar we door doken, op 30cm afstand!) maar het geheel was echt een weelde aan alle mogelijke vormen, kleuren, grootten van vissen. Je weet gewoon niet waar eerst kijken!

Het gezelschap varieerde: voornamelijk Italianen, maar ook Duitsers & Fransen en een Tanzaniaanse crew ofcourse. De hoofdinstructor, een wat norse Italiaan, runt hier al 9 jaar (!) zijn klein duikcentrum. En nors, ja, maar hij weet perfect waar wanneer te duiken. Soms moesten we zelf om 5.30u opstaan om bij het eerste zonlicht te gaan duiken omdat anders de stroming te sterk zou worden.

Hijzelf heeft hier trouwens ook enkele duikplekken 'gevonden'. En je zou denken dat die per GPS worden gelocaliseerd. Nee, hij meet de afstand tussen andere eilandjes om te weten waar hij juist is op een bepaald moment (varierende getijden mee ingerekend).



Stopover op 'Mange Reef', een zandbank in the middle of nowhere, dichtbij één van de duikplekken, met lekkere lunch in de blakende zon!



Rara, wie zijn hier de Italianen ;-),



Ik heb zelf geen onderwatercamera, helaas, maar wel mijn companen die in mij opeens een grote vis zagen ;-),



Ik moet het stellen met een foto van de vissen op de muur (die we allen gezien hebben op de blueray & schildpad na),




Maar er was meer dan enkel die prachtige duiken..

Mafia betekent letterlijk 'nothing there' in het Arabisch. Toen de Arabische scheepvaarders er op botsten, vonden ze er niets, geen specerijen bijvoorbeeld zoals op Zanzibar, en niemand leefde op het eiland. Het wordt nu bewoond door afstammelingen van de slaven die tijdens de kolonisaties van het vasteland naar Mafia werden vervoerd (om te werken op cocos- en cashewplantages).

Maar ik vind het 'nothing there' eiland een klein paradijs op aarde.

Nu nog steeds is cocos-, cashew en visvangst de grootste (quasi enigste) bron van inkomsten voor de eilandbewoners. Veel meer is er niet te vinden, dat heeft een motorbikerit doorheen het eiland wel duidelijk gemaakt.

Daar waar je in Zanzibar de ene lodge naast de andere vind, vind je op Mafia slechts 4 exclusieve lodges (150-500 USD range), 1 guesthouse in het marienpark, en dan een paar lokale lodges.
Die guesthouse middenin het dorp, op 5 minuutjes van de lodges, was mijn thuis voor een kleine week. Ben er zeer warm ontvangen, de mensen hier zijn zo vriendelijk (!!)

Gaan 'shoppen' om kitenge te kopen (doeken waarvan kleren gemaakt worden) bij de moeder van één van de guesthouse staff; midden in de nacht, onder een hallucinante sterrenhemel, achterop op de motorbike in het donker naar life 'taraab' music gaan luisteren; de lighthouse van de Duitsers gaan verkennen; het eilandje 'Chole' gaan bezoeken waar zo'n 800 mensen leven maar waar geen zoet water te vinden is, Arabische ruines, grote varanen, vleermuizen.. dit is allesbehalve 'nothing there'!

Aja, de trip naar de walvishaaien nog vergeten! Voor sommige mensen de enige reden om naar dit eiland te komen.
Samen met een Duitse, een Keniaan en Spaanse backpackers de walvishaaien gaan zoeken, temidden een storm. 'Now, Jump' wordt er geroepen wanneer je onder water, naast de boot, een enorme (5-6m) schaduw ziet van de walvishaaien!
Mmm.. toch wel wat beangstigend zo'n beest, maar ok, we springen het water in. 'Only watch the big tail, it can hit you under water..'

Op de foto hieronder zijn we aan het snorkelen op 30 cm van de walvishaai! Impressionant? It is.




Een kleine photogallerie van Mafia op http://leen.ncq.be

vrijdag 24 december 2010

Rubondo Island

Jeroen, (ex-klasgenoot van het boerekot - nu BTC junior in Dar op een waterproject, small world indeed) komt terug van een reisje Burundi en plande me te komen bezoeken in Bukoba.
Maar eigenlijk wou ik al lang eens naar Rubondo Island, een nationaal park op het Victoriameer, dichtbij Bukoba en ook Jeroen was er warm voor. Dus het bezoekje Bukoba wordt uitgesteld en we spreken af aan het dorpje waar je de boot kan nemen richting Rubondo Island.

Op 3 uurtjes van Bukoba ligt het dorpje 'Muganza', aan de rand van het Victoriameer. Ik zeer vroeg uit de veren en met kleine oogjes aangekomen in Muganza. Nu is Jeroens' bus meer dan 5 uur te laat.
Frusterend? Nee, echt niet, niet deze keer. Het dorpje op zich was al de bustrip al meer dan waard. Een klein dorpje, maar wat een activiteit!

Er wordt vis gedroogd en verpakt,




(t'is altijd opletten met de camera, sommige Tanzanianen willen echt niet gefotografeerd worden, anderen vragen er net om!)



Voor zover ik het verstaan heb gaat deze vrachtwagen richting Rwanda met gedroogde visjes,



En in het hele dorp vind je cassava-verwerkers!

Hieronder een van de huisjes waar cassave gedroogd wordt en verwerkt tot cassavepoeder (cassava = juca, = maniok, een soort knol die hier overal geplant wordt). Buiten ligt de gedroogde cassava,


En binnen dan de machine die er poeder van maakt. Kan echt niet gezond zijn om hier lang te werken (rechtsboven op de foto: tank met benzine, dan de generator en linksonder de man aan het werk met de crusher)



Output = cassavepoeder, verhandeld om er dan cassave-ugali van te maken (een koolhydraatrijke pap van cassave en water)


Ik kom helemaal witgepoederd uit het werkplaatsje ;-).

Jeroens' bus blijft maar op zich wachten dus ik installeer me bij het water met het idee een boekje te lezen. No way, al vlug in gesprek met iedereen, tja, als muzungu kom je niet ongemerkt voorbij hier.. -spijtige is wel dat het bijna altijd mannen zijn die een praatje komen slaan, een meisje of vrouw, daar moet je bijna zelf naar toe stappen-


Rubondo Island is één van de Nationale parken van Tanzania, volgens de boekjes 'one of the most underrated and least visited of all Tanzanian National Parks' -en dat op 3 uurtjes van mijn huis in Bukoba! Het is bekend om zijn ongerept bos, vogels, orchideen en groter wild. Ooit wilde men hier een soort 'Arc van Noah' creeren en vele grote dieren uit de wildparken brengen om ze te beschermen, het plan is echter nooit uitgevoerd op een paar geintroduceerde chimpansees, olifanten, giraffen en antilopen na.

Na wat organisatie krijgen we dan eindelijk de boot van het nationale park te pakken die ons komt ophalen aan het dorpje, voor 100USD jawel, daar zijn die onontkoombare parkregels opnieuw.



Het eiland voelt 'off-the-world' aan. Buiten enkele rangerposten en een handvol bungalows is er niets anders dan puur natuur op dit eiland. Men had ons zelf gevraagd ons eigen voedsel voor het weekend mee te brengen omdat er gewoon niets is. Maar de accomodatie was piccobello in orde, met zelf een grote keuken en kampplaats bij het water!

Een paar heel mooie wandelingen gemaakt met verschillende gidsen, waaronder 1 die echt heel wat wist te vertellen over het gebruik van bvb. sap van bomen om op speren te smeren, over krokodillen, hippos etc. -hippos die we trouwens s'avonds op 50m van onze banda zagen & snachts hoorden, eigenlijk een heel rustgevend geluid dat die hippos maken-

Enkele fotos staan op de foto-gallerie: http://leen.ncq.be, maar hier kom ik zeker nog eens terug voor een langere trek!